2.1 Wonen
Doelstelling: | ||||||||||||||||||||||||
De implementatie van de Omgevingswet vraagt een visie op onze ruimte, in de breedste zin van het woord. De Omgevingswet staat voor een goede balans tussen het benutten en beschermen van de fysieke leefomgeving. We hechten belang aan het behoud van de cultuurhistorische, ruimtelijke en natuurwaarden in het bestaande landschap. | ||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Omgevingswet
Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden. De invoering van deze wet brengt veel veranderingen met zich mee voor gemeenten. Wij zijn gestart met het opstellen van een transitieplan en werken aan een bijbehorende transitiestrategie. Tegelijkertijd passen wij de werkwijze van de Omgevingswet toe, met de kerninstrumenten:
omgevingsvisie;
omgevingsprogramma’s;
omgevingsplan
omgevingsvergunning
Met behulp van de beleidscyclus zorgen wij voor samenhang in het beleid. Dit draagt bij aan een gezonde en veilige fysieke leefomgeving. Voor het opstellen van omgevingsprogramma’s is een werkwijze en stappenplan ontwikkeld, waarbij rekening wordt gehouden met de bevoegdheden van de gemeenteraad.
De eerste omgevingsprogramma’s zijn opgesteld en gepubliceerd in het Omgevingsloket volgens de geldende standaarden. Daarnaast is het eerste wijzigingsbesluit voor het omgevingsplan in procedure gebracht.
Actualisatie omgevingsvisie
Bij de vaststelling van de omgevingsvisie heeft de gemeenteraad besloten deze eens per vier jaar te actualiseren. Wij zijn gestart met een beleidsarme actualisatie van de omgevingsvisie. Hierbij wordt bestaand, vastgesteld strategisch beleid integraal opgenomen. De vaststelling van de geactualiseerde omgevingsvisie wordt verwacht in het eerste kwartaal van 2027.
Actualisatie provinciale omgevingsvisie (POVI)
De provinciale omgevingsvisie geeft richting aan de inrichting van de leefomgeving in De Fryske Marren.
Op basis van deze visie stelt de provincie instructieregels vast in de provinciale omgevingsverordening.
Deze regels zijn van invloed op de inhoud van het gemeentelijke omgevingsplan. In het najaar van 2025 is een contourenschets van de provinciale visie gepubliceerd, waarop wij hebben gereageerd. Begin maart is de ontwerp-omgevingsvisie ter inzage gelegd. Wij dienen hierop een zienswijze in. Vanwege de korte reactietermijn (zes weken, tot en met 21 april) is het niet mogelijk geweest om de gemeenteraad hierbij te betrekken. De raad is hierover wel geïnformeerd.
Omgevingsvergunningen
De eerder gemelde hoge werkvoorraad voor vergunningverlening en de behandeling van conceptaanvragen is begin 2026 stabiel gebleven, maar nog steeds hoog. Het is nog niet gelukt om de wachttijden voor conceptaanvragen te verkorten. We werken aan maatregelen om hierin verbetering te brengen. Wij blijven de aanvragers zo goed mogelijk informeren over de voortgang.
Doelstelling: | ||||||||||||||||||||||||
Het vanuit een lange termijnperspectief en brede welvaart invulling geven aan de woonopgave in De Fryske Marren | ||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
In juli 2025 hebben we de 1e herijking van de Regionale Woondeal Zuidwest Friesland afgerond. Er is afgesproken dat de gemeente De Fryske Marren tot en met 2030 een extra opgave van bruto 183 woningen krijgt.
We hebben voor het tijdvak 2027 tot en met 2035 alle projecten in kaart gebracht. In april 2026 zijn we gestart met de voorbereiding van nieuwe woningbouwafspraken voor deze periode. Dit moet leiden tot nieuwe afspraken voor de komende jaren. Ook werken wij nauw samen met de provincie Fryslân bij het opstellen van het provinciaal volkshuisvestingsprogramma. In dit programma concretiseert de provincie de woningbouwopgave en het beleid met duidelijke eisen voor betaalbaarheid, sociale woningbouw en planvoorraad. Qua aantal woningen liggen we op schema.
Doelstelling: | ||||||||||||||||||||||||
Voorzien in wonen, zorg en welzijn voor ouderen en andere kwetsbare doelgroepen. | ||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Op 2 april 2025 stelde de raad het Beleidskader Wonen-Welzijn-Zorg 2025–2040 vast. Kern is dat inwoners met een zorg- of ondersteuningsvraag zo zelfstandig mogelijk kunnen wonen, met passend aanbod.
Wij stelden op 9 december 2025 het Uitvoeringsprogramma 2025–2030 vast. Dit programma bevat tien thema’s, waaronder huisvesting voor ouderen en alternatieve woon-, pauze- en crisisplekken. Voor meerdere locaties lopen concrete trajecten. In het Actieplan voor 2026 zijn onder andere de volgende punten opgenomen:
- We voeren een onderzoek uit naar het toevoegen van geclusterde wooneenheden voor ouderen in dorpen waar een huisarts, apotheek en supermarkt aanwezig is. We kijken hierbij ook specifiek naar wooncomplexen die oorspronkelijk voor ouderen zijn gebouwd, maar waar inmiddels overwegend andere doelgroepen woonachtig zijn.
- We zetten in op bewustwording en begeleiding bij woonkeuzes. We weten dat veel ouderen te laat nadenken over hun toekomstige woonbehoefte, waardoor een verhuizing pas aan de orde komt wanneer de nood hoog is. Om dit te voorkomen, investeren we samen met woningcorporaties, ouderenadviseurs en maatschappelijke organisaties in woon- en verhuiscoaches.
- We zoeken gezamenlijk naar alternatieve en passende woon- en opvangvormen (onder andere onconventioneel wonen) die bijdragen aan stabiliteit, veiligheid en herstel van inwoners met een hoog incident- en overlastrisico en die tegelijk recht doen aan de draagkracht van onze samenleving.
Inmiddels zijn wij gestart met de eerste onderdelen uit het Uitvoeringsprogramma.
Doelstelling: | ||||||||||||||||||||||||
Sturen op de woonruimteverdeling voor wettelijke urgente aandachtsgroepen | ||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Wet versterking regie volkshuisvesting
Bij inwerkingtreding van de Wet versterking regie volkshuisvesting (Wvrv) moeten gemeenten een Huisvestingsverordening urgent woningzoekenden vaststellen. Wij werken hier in samenwerking met andere Friese gemeenten aan. De ontwerp-centrumgemeenteregeling is in februari 2025 vrijgegeven voor inspraak.
Amendementen bij de behandeling van de Wvrv in de Tweede Kamer hebben grote impact op de Friese verordening gehad. De planning is daarom aangepast; definitieve besluitvorming in de Eerste Kamer wordt afgewacht. De Inwerkingtreding van de wet is nog niet definitief, maar is beoogd op 1 juli 2026. Hoe dan ook moet rekening worden gehouden met gefaseerde invoering van urgentieregels voor de verschillende wettelijke doelgroepen. Bij het amendement van de Tweede Kamer is een groep toegevoegd: dakloze gezinnen met minderjarige kinderen. Dit wordt naar verwachting een half jaar later ingevoerd, omdat dan beter bekend is hoe groot deze groep is en het tijd kost om ook voor deze doelgroep het proces op orde te maken. In de verordening, die nog moet worden vastgesteld, wordt de gefaseerde invoering al opgenomen. Hiermee wordt voorkomen dat de verordening binnen een jaar moet worden aangepast. Inmiddels is afgesproken dat de organisatie die de invoering van de verordening voorbereidt de nieuwe raden informeert over het precieze tijdspad.
Regulering toeristische verhuur
We zijn in 2025 ook gestart met onderzoek naar regulering van toeristische verhuur. De resultaten volgen voor de zomer 2026. Deze worden daarna naar verwachting in Q3 college en raad aangeboden.
Doelstelling: | ||||||||||||||||||||||||
Zorg voor kwalitatief goede huisvesting en het creëren van een goed vestigings- en bedrijfsklimaat voor onze ondernemingen. | ||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Voor de huisvesting van internationale werknemers is een startnotitie opgesteld en besproken in een consulterend petear van januari 2025. In 2025 is aanvullend onderzoek gedaan naar huisvesting, registratie en relevante wet- en regelgeving, met betrokkenheid van diverse stakeholders. We hebben in Q1 2026 een memo met bevindingen aan de raad voorgelegd. Inmiddels is ook contact gelegd met de gemeente Peel en Maas, die veel ervaring heeft met de huisvesting van arbeidsmigranten. Wij wachten op dit moment de landelijke ontwikkelingen af. We hebben de raad hier al met een memo over geïnformeerd.
Doelstelling: | ||||||||||||||||||||||||
Het zorgen voor meer betaalbare woningen voor onze inwoners | ||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
In het Volkshuisvestingsprogramma De Fryske Marren 2024-2028 is het zorgen voor meer betaalbare woningen als een belangrijke doelstelling opgenomen. In onze woningbouwprojecten streven we naar een mix van betaalbare huur- en koopwoningen en duurdere woningen. Via een programma-gestuurde aanpak geven we invulling aan deze doelstelling. Hierbij werken we toe naar de kaders die gaan gelden binnen de Wet versterking regie Volkshuisvesting. We monitoren de voortgang via onder andere de prestatieafspraken met de corporaties en de gegevens uit de Planmonitor Wonen.
Doelstelling: | ||||||||||||||||||||||||
Ontwikkelen van de gemeente door het realiseren van woningbouwprojecten. | ||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
In onderstaande tabel is aangegeven hoeveel woningen er in onze gemeente zijn gerealiseerd vanaf 1 januari 2022 tot en met 1 april 2026. Ook is aangegeven hoeveel woningen we nog moeten realiseren tot en met 31 december 2030. Het aantal gereedmeldingen fluctueert. We monitoren dit langjarig. De onderstaande tabel geeft ook een overzicht van het aantal verwachte woningen. Er wordt op grote schaal gebouwd in het Hof van Lemmer. In Wyldehoarne fase 4 fase 1 zijn alle kavels verkocht. Ook in een aantal dorpen zijn de restkavels verloot. Hierdoor zit er naar verhouding veel in de pijplijn en verwachten we in de komende twee jaar een groter aantal gerealiseerde woningen. Het Woningbouw dashboard DFM geeft ook een goed beeld van de voortgang. In de 2025 kan ook voor het eerst een beroep worden gedaan door de gemeente op gelden uit de Realisatiestimulans. Bij de jaarrekening 2025 staat vast hoe groot onze verwachte bijdrage kan zijn.
Stand op 1 april 2026* | ||
|---|---|---|
Aantal projecten | 67 | |
Aantal verwachte woningen | 1.377 | |
Aantal gerealiseerde woningen | 308 | 22% |
Aantal nog te realiseren woningen | 1.069 | 78% |
Doelstelling: | ||||||||||||||||||||||||
Toekomstbestendige ziekenhuiszorg voor onze regio. | ||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
In de zomer van 2023 presenteerden de Friese ziekenhuizen hun plannen voor toekomstbestendige ziekenhuiszorg, waarbij nieuwbouw in Joure een centraal onderdeel vormt. Dit voorstel is sindsdien onderdeel geweest van de participatietrajecten rond de Driehoek Joure Zuid.
In maart 2024 heeft de raad, op basis van verschillende ingevulde scenario’s voor de Driehoek, ingestemd met de locatiekeuze voor het nieuwe ziekenhuis en bijbehorend zorglandschap. Dit besluit is vastgelegd in een partiële herziening van de gemeentelijke omgevingsvisie. Hiermee is het voorkeursrecht voor deze bestemming verlengd tot medio 2028.
Om de reservering van het gebied voor 2028 te borgen, moet voor die datum een omgevingsplan worden vastgesteld.
Doelstelling: | ||||||||||||||||||||||||
De agrarische sector is een belangrijke pijler voor onze gemeente en kampt met vele uitdagingen. Samen met de sector zoeken we naar perspectief en oplossingen. | ||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Via het Fries Programma Landelijk Gebied (FPLG) is gewerkt aan de opgaven in het landelijk gebied, waaronder een toekomstbestendige landbouw. Na de beëindiging van het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG), is in Fryslân de samenwerking van gemeenten, waterschap en gemeenten aan het FPLG nog doorgezet, waarbij ook het gesprek wordt gevoerd over de wijze van samenwerking. De insteek is om de samenwerking aan de opgaven in het landelijk gebied, weliswaar in een lichtere vorm, overeind te houden. Daarbij wordt gedacht aan een bestuurlijk afstemmingsoverleg (enkele malen per jaar) tussen alle Friese overheden over de opgaven in het landelijk gebied en de wijze waarop we daaraan kunnen werken (onder andere via gebiedsprocessen). De afstemming tussen gemeenten onderling kan een plek binnen de Vereniging Friese Gemeenten (VFG) krijgen. Gesprekken hierover met de VFG zijn gestart.
De gemeenteraad heeft besloten nieuwe sierteelt of uitbreiding van bestaande sierteelt te verbieden. Dat heeft de raad gedaan via een voorbereidingsbesluit. Het verbod in dit besluit moeten we vertalen in het omgevingsplan. De raad wil ook een spuitzone van 50 meter voor het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen ten opzichte van gevoelige objecten. Wij bereiden momenteel voor beide zaken (verbod nieuwe sierteelt en spuitzones) een wijziging van het omgevingsplan voor.
Doelstelling: | ||||||||||||||||||||||||
Met het Veenweide-programma 2021-2030 ‘Foarút mei de Fryske Feangreiden’ wordt geprobeerd om te komen tot een duurzaam ontwikkelingsperspectief voor een aantrekkelijk en leefbaar veenweidegebied. | ||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
In 2026 zal een herijking van het Veenweideprogramma worden gestart.
Daarnaast zijn we samen met de andere Friese veenweidegemeenten aangesloten bij het Platform Slappe bodem. Dit is een landelijk platform dat zich inzet voor onderzoeken, lobby en advisering over de veenweideproblematiek, met name op het gebied van verzakkende infrastructuur en funderingsschade.
Om inwoners met funderingsproblemen te helpen blijft het funderingsloket het ‘startpunt’.
Doelstelling: | ||||||||||||||||||||||||
Verminderen netcongestie | ||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Actieve inbreng bij het programma NuLelie van Liander
Het toekomstbestendig maken van het elektriciteitsnet en de energietransitie vraagt veel personele inzet. Als gemeente hebben we zorg voor onze eigen openbare ruimte. De werkzaamheden aan het elektriciteitsnet vinden gelijktijdig plaats in dezelfde openbare ruimte en vragen intensieve regie, afstemming en toezicht. Dit wordt integraal opgepakt met de zogeheten interne ‘trafotafel’, waarin diverse vakspecialisten samenkomen. De medewerkers van de trafotafel zorgen voor hun eigen arealen (grijs, groen, blauw), maar werken daarnaast ook aan de netcongestie-opdracht (en woningbouwopgave). Al met al leidt de energietransitie in de brede zin tot een structurele en langdurige toename van werkzaamheden in de ondergrond.
Onderzoek netcongestie bedrijventerrein De Ekers
Ekwadraat voert momenteel een onderzoek uit naar netcongestie op bedrijventerrein De Ekers. Het onderzoek richt zich op het vinden van oplossingen om de netcongestie te verminderen. Daarnaast wordt er, in samenwerking met meerdere deelnemende bedrijven, gekeken naar maatregelen die individuele bedrijven kunnen nemen om hun eigen situatie te verbeteren. We zullen de uitkomsten delen zodra deze beschikbaar zijn. We verwachten dat dit eind april/begin mei is.
Regiodeal: aanpak netcongestie bedrijventerreinen
Samen met de gemeente Súdwest-Fryslân werken we binnen de Regiodeal Zuidwest-Friesland aan het verduurzamen van bedrijventerreinen, met focus op het verminderen van netcongestie. We ontwikkelen een toekomstbestendig energiesysteem, waarbij we kijken naar slimme oplossingen voor opwek, opslag, flexibel verbruik en collectieve organisatie.
In samenwerking met ondernemers, parkmanagement en ondernemersverenigingen onderzoeken we per terrein welke combinaties van maatregelen mogelijk zijn. De aanpak is schaalbaar en wordt in 2026–2027 voorbereid op geselecteerde terreinen, als basis voor een bredere regionale uitrol. In het tweede kwartaal wordt voor dit project een projectleider aangesteld, die namens beide gemeenten het proces organiseert en coördineert.
Batterijenbeleid
Het aantal plannen voor batterijopslag in Fryslân groeit snel. Een gemeentelijk batterijenbeleid is nodig om deze initiatieven goed te begeleiden – en om netcongestie te verminderen. Batterijen kunnen namelijk helpen om pieken in energieverbruik op te vangen.
We werken hiervoor samen in de Friese Energie Tafel (FET) en vertalen de Richtlijn Batterijsystemen Fryslân naar een Deelprogramma Batterijen voor onze gemeente. Dit past binnen de Omgevingswet en wordt in 2026 uitgewerkt. Het beleid biedt duidelijkheid over veiligheid, ruimtelijke inpassing en maatschappelijke impact, met aandacht voor lokale flexibiliteit.
Gebiedsgerichte aanpak Liander
Liander start in april 2026 met een gebiedsgerichte aanpak voor Joure (onderstation Oudehaske). Hiermee wordt het elektriciteitsnet efficiënter benut, zodat Liander meer aansluitingen kan aanbieden en de ‘wachtrij’ wordt verkort. Voor Lemmer is de planning nog niet definitief: de aanpak daarvan start eind 2026 of in 2027.
Doelstelling: | ||||||||||||||||||||||||
Bevorderen Isolatiegraad huishoudens | ||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Via energieloket Tûk Wenjen verstrekten we in het eerste kwartaal 29 subsidies voor Advies Eigen Woning en 43 vouchers voor aanvullende adviesdiensten. Daarnaast organiseerden we drie informatieavonden en één lunchlezing over energiebesparing en verduurzaming.
In Lemmer organiseerden we samen met Buurkracht een warmtewandeling en een informatieavond over isoleren.
De subsidie Lokale Aanpak Isolatie leverde in het eerste kwartaal 137 nieuwe aanvragen op. In dezelfde periode handelden we 117 aanvragen af en wezen we 10 aanvragen af of stopten we deze voortijdig.
Om de toegankelijkheid van regelingen en subsidies te verbeteren, verhuisden we het energieloket Tûk Wenjen naar de algemene website van De Fryske Marren. Daarnaast onderzoeken we hoe we de functionaliteit van het energieloket kunnen uitbreiden naar ‘Tûk Wenjen 2.0’, zodat inwoners beter stappen kunnen zetten richting verduurzaming van hun woning. Gedacht wordt aan functionaliteit waarmee mensen direct offertes op kunnen vragen voor isolatiemaatregelen en een AI-assistent die inwoners de weg wijst in subsidiemogelijkheden. Om de behoefte te bepalen hebben we de intentie om een inwonerspanel samen te stellen.
De isolatiegraad van onze woningvoorraad is niet precies te meten, omdat energielabels alleen verplicht bijgewerkt worden bij verkoop of verhuur. Subsidies of uitgevoerde maatregelen (zoals vloerisolatie) leiden niet altijd tot een beter label als andere onderdelen (dak, kozijnen) ongewijzigd blijven. Toch zien we een positieve trend: het aantal woningen met label D of slechter daalde van 7.892 in 2021 naar 7.366 in 2025. Met de gemeentelijke isolatiesubsidie LAI kunnen de komende 4 jaar nog eens zo’n 4.000 koopwoningen met label D of slechter worden geïsoleerd. Om dit te bereiken zetten we in op extra capaciteit en inspanning om inwoners te activeren. Voor huurwoningen zetten we in op samenwerking met de woningbouwcorporaties.
Doelstelling: | ||||||||||||||||||||||||
De gebouwde omgeving is in 2030 voor 20% aardgasvrij en uiterlijk in 2050 voor 100% aardgasvrij | ||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
In het eerste kwartaal is de focus gelegd op het versterken van concrete initiatieven en het versnellen van de uitvoeringskracht om daarmee bij te dragen aan de doelstelling richting 2030:
- Voor het warmtenet initiatief in Joure is een projectleider aangesteld, waarmee de organisatie en voortgang van het project is versterkt en versnelling wordt gerealiseerd.
- Voor het warmtenet in Terherne is een verdiepend technisch en financieel onderzoek uitgevoerd door NIRAS. Dit onderzoek geeft inzicht in de haalbaarheid van een collectieve warmteoplossing. De definitieve rapportage wordt in april 2026 verwacht en vormt de basis voor een bestuurlijk besluit.
- De ondersteuning van lokale initiatieven op gebied van de warmtetransitie is voortgezet, passend bij de rol van de gemeente.
- Er is gestart met de uitwerking van een samenhangend pakket van projectopdrachten (circa zeven projecten), gericht op de realisatie van warmtenetten, randvoorwaarden en besluitvorming.
Deze inzet draagt bij aan het realiseren van concrete aardgasvrije projecten en het vergroten van de uitvoeringskracht binnen de gemeente.
Ook de komende kwartalen richten we ons op het realiseren van zichtbare voortgang in de ‘gouden projecten’ van Balk, Terherne en Joure en het versterken van lokale initiatieven:
- Besluitvorming over de haalbaarheid van het project Terherne op basis van het NIRAS-rapport.
- Verdere uitwerking en uitvoering van de projectopdrachten, waaronder warmtenetten, warmtebedrijven, financiële participatie, warmtekavels en vergunningentrajecten.
- Doorontwikkeling van het initiatief in Joure richting een realiseerbaar project met duidelijke fasering.
- Verdere stimulering en ondersteuning van lokale collectieve initiatieven, inclusief het opstellen van kaders en passende ondersteuningsinstrumenten.
Doelstelling: | ||||||||||||||||||||||||
Duidelijkheid over de rolopvatting van De Fryske Marren op collectieve warmtevoorzieningen. | ||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
In het eerste kwartaal is een belangrijke stap gezet in het concretiseren van de gemeentelijke rol in de warmtetransitie:
- De rolopvatting is verder verstevigd door de inwerkingtreding van de Wet collectieve warmte, waarin de regierol van gemeenten expliciet is vastgelegd.
- Er is gestart met het opstellen van het warmteprogramma als wettelijk verplicht vervolg op de warmtevisie. Dit programma geeft richting aan de warmtetransitie voor de komende tien jaar en biedt duidelijkheid aan inwoners en partners.
- Voor het warmteprogramma is externe ondersteuning ingezet om te borgen dat het proces en de inhoud voldoen aan de wettelijke vereisten en om participatie zorgvuldig vorm te geven.
- De eerste fase van participatie is gestart, waarbij inwoners, bedrijven en strategische partners worden betrokken bij de totstandkoming van het programma.
- Parallel hieraan is gestart met de uitwerking van het warmtebedrijf en de financieringsvraagstukken, waaronder de verkenning van participatie en garantstellingen.
Hiermee wordt een samenhangende basis gelegd voor bestuurlijke keuzes over de rol van de gemeente in collectieve warmtevoorzieningen.
Regiodeal Warmteplanning Fryslân
De gemeente neemt sinds kort actief deel aan het Regio Deal-project Warmteplanning Fryslân, waarin samen met gemeenten, provincie en partners wordt gewerkt aan een uniforme en gedetailleerde warmteplanning:
- De deelname van De Fryske Marren aan het project is geïntensiveerd, waarmee een actievere bijdrage wordt geleverd aan de regionale warmteaanpak.
- Binnen het project wordt gewerkt aan het ontwikkelen van afwegingskaders, warmte-analyses en inzicht in kansrijke kernen voor collectieve warmteoplossingen.
- De eerste resultaten leveren concrete input voor het warmteprogramma en ondersteunen de voorbereiding van bestuurlijke keuzes rondom bronstrategie (ontwikkelen van een mix van duurzame warmtebronnen, waarmee kan worden voldaan aan de warmtevraag), infrastructuur en governance.
- De samenwerking met regiopartners is versterkt, waarmee kennis, capaciteit en middelen effectiever worden benut.
De Regio Deal draagt hiermee bij aan het versterken van de gemeentelijke regierol en het onderbouwen van strategische keuzes in de warmtetransitie.
De komende kwartalen zal er toegewerkt worden naar besluitvorming en het verankeren van de rolopvatting in beleid:
- Verdere uitwerking van het warmteprogramma, inclusief analyse, participatie en bestuurlijke afstemming, met als doel een conceptprogramma in 2026.
- Voorbereiden van bestuurlijke besluitvorming over het warmtebedrijf, inclusief scenario’s voor participatie en governance.
- Uitwerking van kaders voor financiële betrokkenheid, waaronder garantstellingen en inzet van gemeentelijk vermogen.
- Versterken van de samenhang tussen projecten om integrale besluitvorming mogelijk te maken.
De verwachting is dat het warmteprogramma in het eerste kwartaal van 2027 definitief kan worden vastgesteld.
Doelstelling: | ||||||||||||||||||||||||
Stimuleren van aquathermie als duurzame warmtebron | ||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
In het eerste kwartaal is ingezet op zowel kennisontwikkeling als concrete toepassing van aquathermie:
- Voor Terherne is een integraal onderzoek uitgevoerd naar de technische en financiële haalbaarheid van aquathermie als collectieve warmtebron. De uitkomsten worden in april 2026 verwacht.
- Binnen het programma Missy Wetterwaarmte 2026 wordt actief samengewerkt aan de ontwikkeling en toepassing van aquathermie.
- Via het Interreg-project Waterwarmth vindt internationale kennisuitwisseling plaats en wordt cofinanciering benut voor het project Aardgasvrij Terherne.
- Er is een pilot gestart waarbij 10 huishoudens subsidie kunnen ontvangen (totaal € 10.000) voor individuele toepassingen van aquathermie.
Deze activiteiten dragen bij aan zowel kennisopbouw als concrete toepassing van aquathermie binnen de gemeente.
De komende kwartalen zal de inzet zich richten op het vertalen van kennis naar toepassing en opschaling:
- Besluitvorming over de toepassing van aquathermie in Terherne op basis van het haalbaarheidsonderzoek.
- Delen van de onderzoeksresultaten binnen Missy Wetterwaarmte en het Interreg-programma, ter versterking van regionale en internationale samenwerking.
- Verdere verkenning van de potentie van aquathermie voor andere ‘gouden projecten’.
- Voortzetten en waar mogelijk uitbreiden van stimulering van individuele toepassingen van aquathermie.
De inzet is gericht op het positioneren van aquathermie als een kansrijke en toepasbare warmtebron binnen de gemeente, passend bij de lokale omstandigheden met veel oppervlaktewater.
Doelstelling: | ||||||||||||||||||||||||
Het vergroten van de biodiversiteit in de gemeente | ||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
In het eerste kwartaal van 2026 is de samenwerking met Nest Natuurinclusief gestart om de gevolgen van de Europese Natuurherstelwet voor onze gemeente in kaart te brengen. Daarnaast zijn gesprekken met de provincie en de gemeente Heerenveen gevoerd om het otterknelpunt bij Terherne aan te pakken, omdat daar al meerdere aanrijdingen met otters hebben plaatsgevonden.
Vanuit de gemeente wordt gewerkt aan een Soortenmanagementplan (SMP). Dit is een plan waarin staat hoe je beschermde dier- en plantensoorten (zoals vleermuizen of huismussen) beschermt bij werkzaam-heden, bijvoorbeeld bij bouw- of isolatieprojecten. Na een aanbesteding is bureau ‘Gras Advies’ gestart met het tweejarige onderzoek naar de gebouwbewonende soorten in onze gehele gemeente; alle vleermuizen, huismussen en gierzwaluwen in de gebouwde omgeving worden in kaart gebracht. Hierbij wordt ook samengewerkt met de woningbouwcorporaties Accolade en Dynhus, omdat zij voor hun woning(ver)bouw en renovatieprojecten al veel van dergelijke data hebben verzameld. Als het SMP gereed is, kunnen al onze inwoners op basis van dit gemeentelijke plan, hun woningen sneller en goedkoper isoleren, omdat ze niet meer zelf een dergelijk (duur en tijdrovend) onderzoek uit hoeven laten voeren.
Daarnaast hebben we als gemeente gesprekken gevoerd met de provincie over het plaatsen van 67 kraamverblijven voor vleermuizen in onze gemeente. Deze kraamverblijven zijn onderdeel van het Pre-SMP en worden volledig door de provincie bekostigd. Een pre-SMP is een tijdelijke, vereenvoudigde aanpak en maakt het mogelijk om op basis daarvan al werkzaamheden uit te voeren vooruitlopend op een definitief SMP. In de loop van 2026 zullen alle 67 kraamverblijven geplaatst worden en zal Gras Advies het onderzoek afronden.
We vergroten de biodiversiteit in de wegbermen door uitvoering van het Bermbeheerplan 2018–2027. Daarbij worden bermen doelgericht beheerd als ecologische verbindingszones, met ruimte voor kruidenrijke vegetaties en een divers insectenleven. In een aantal van deze bermen wordt gemonitord welk effect de maatregelen van de afgelopen jaren hebben.
Belangrijk voor het verschralingsbeheer is dat de bermen worden gemaaid en het maaisel wordt afgevoerd, waardoor de bodem voedselarmer wordt. Dit bevordert de ontwikkeling van bloeiende kruiden en voorkomt overheersing door gras en ruigtesoorten.
Het maaibeheer is gefaseerd, zodat steeds delen van de berm blijven staan als schuil- en foerageergebied voor insecten en kleine dieren. Op sommige locaties worden daarnaast bewust ruigteplekken behouden voor overwintering. Bij alle werkzaamheden wordt rekening gehouden met beschermde flora en fauna en wordt gewerkt volgens de geldende gedragscodes. Met deze aanpak ontwikkelt zich een samenhangend netwerk van bloemrijke bermen dat bijdraagt aan biodiversiteit, landschappelijke kwaliteit én natuurlijke plaagbeheersing binnen de gemeente.
Doelstelling: | ||||||||||||||||||||||||
Water, bodem en klimaatadaptatie zijn sturend (WBKS) bij ruimtelijke ontwikkelingen | ||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
We zijn bezig om nadere invulling te geven aan hoe we water, bodem en klimaatadaptatie sturend willen integreren binnen ruimtelijke ontwikkelingen. Het pilotproject Wyldehoarne 4 fase 2 wordt hier onder andere voor gebruikt.
Daarnaast is de subsidieregeling Groenblauwe maatregelen verlengd en uitgebreid om bredere doelgroepen te bereiken (sociale huurders) en om een groener straatbeeld te stimuleren met geveltuinen.
Doelstelling: | ||||||||||||||||||||||||
100% circulair inkopen in 2030 | ||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Samen met andere Friese gemeenten nemen we sinds begin dit jaar deel aan het uitvoeringsprogramma Circulair Opdrachtgeven en Inkopen Friese Overheden. Dit programma, onder leiding van de Vereniging Circulair Friesland, stimuleert uniformiteit, kennisdeling en gezamenlijke actie op het gebied van circulair inkopen. – Naast educatie voor medewerkers en marktpartijen, testen we een monitoringstool om circulaire prestatie-indicatoren (zoals hergebruikpercentages en kooldioxide-reductie) in aanbestedingen meetbaar te maken.
Ook is in het eerste kwartaal gewerkt aan de voorbereiding en uitvoering van de Week van de Circulaire Economie, die van 19 tot en met 27 maart plaats heeft gevonden.
Doelstelling: | ||||||||||||||||||||||||
CO2-emissie reduceren | ||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
CO2-Prestatieladder
Via de CO₂-prestatieladder brengen we onze CO₂-uitstoot in kaart en werken we toe naar verdere vermindering. In plaats van gasgebruik te compenseren met certificaten, zetten we het uitgespaarde geld nu in voor projecten die ons gasverbruik daadwerkelijk terugdringen. We investeren bijvoorbeeld in betere isolatie van gemeentelijke gebouwen. Ook investeren we in energiebatterijen voor opslag van duurzame energie, bijvoorbeeld bij het zwembad Swimfun in Joure. Zo verlagen we niet alleen onze uitstoot, maar maken we onze energievoorziening ook toekomstbestendiger.
De afgelopen periode is gewerkt aan de voorbereiding van de audit in het kader van de CO2-presetatieladder en aan een ‘CO2-prestatieladder-nieuwsbrief’, voor zowel interne als externe verspreiding.
Schoon en Emissieloos Bouwen (SEB)
In augustus 2025 tekenden we het convenant Schoon en Emissieloos Bouwen. Hiermee stimuleren we het gebruik van emissieloos bouwmaterieel en bieden we de (lokale) bouwsector investeringszekerheid. In 2026 gaan we met de eerste projecten aan de slag, beginnend met de raamovereenkomst Klein elementenonderhoud 2026-2028 e.v.
Bij aanbestedingen schrijven aannemers in op traditionele wijze, dit kan met conventioneel materieel. Na gunning bieden we echter de mogelijkheid om alsnog Zero Emissie (ZE) materieel in te zetten, zonder dat dit onderdeel was van de oorspronkelijke inschrijving. Samen met de aannemer maken we afspraken over de inzet van ZE-materieel, monitoren we het gebruik tijdens de uitvoering en vergoeden we de meerkosten van zero-emissie materieel via de SEB-SPUK-regeling.
Doelstelling: | ||||||||||||||||||||||||
Sociale duurzaamheid verbeteren | ||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Fixteams
Om de betaalbaarheid en inclusiviteit van de energietransitie te bevorderen zijn er via fixteams in het eerste kwartaal 186 bezoeken afgelegd waarbij in totaal zo’n 1250 kleine energiebesparende maatregelen zijn aangebracht bij 83 huishoudens.
Kwartiermakeraanpak
Er lopen gesprekken met Energiebank Fryslân en Stichting Sociaal Werk De Kear over het implementeren van de kwartiermakeraanpak. Deze aanpak houdt in dat een kwartiermaker aan de slag gaat om vrijwillige energiecoaches te werven. Deze energiecoaches gaan vervolgens actief op zoek naar en in gesprek met inwoners die te maken hebben met energiearmoede om hen zo hulp aan te bieden. Voor huurders bestaat deze hulp vaak uit energiecoaching en ‘fixen’.
Eigen woningplan
Om eigenaar-bewoners van woningen beter toegang te geven tot duurzaamheidsregelingen wordt samen met Energiebank Fryslân verkend of het eigen woningplan kan worden uitgerold. Dit houdt in dat we deze doelgroep actief gaan benaderen en hulp aanbieden. Deze hulp bestaat uit een a-tot-z-begeleiding (van inventariseren tot isoleren) door energieadviseurs van Energiebank Fryslân.
TNE Data
De VNG, de Stichting Tijdelijk Noodfonds Energie (TNE) en SZW hebben de afgelopen periode gewerkt aan het mogelijk maken om gegevens van het Noodfonds te delen met gemeenten. Het gaat om data van huishoudens die bij hun aanvraag bij het Noodfonds hebben aangegeven open te staan voor hulp en toestemming hebben gegeven om hun gegevens met de gemeente te delen. Samen met Juridische Zaken is de aanvraag van deze gegevens voor onze gemeente voorbereid om inwoners met energiearmoede een hulpaanbod te kunnen doen.
Witgoedruil
Om huishoudens met een laag inkomen de kans te bieden hun energierekening verder te verlagen, vervingen we via de Witgoedruilregeling 16 apparaten. Om deze regeling beter onder de aandacht van onze inwoners brengen, is een flyer ontwikkeld die we verspreiden via onder meer de energiecoach, de Instrumentenkoffer Betaalbaarheid en via de Stichting Sociaal Werk De Kear.
Sociale Voedseltuinen
Het Regiodealproject Sociale Voedseltuinen is gestart om huishoudens met lage inkomens beter toegang te geven tot gezonde voeding. Stichting Sociale Voedseltuinen Nederland (SVNL) ondersteunt dit traject als ervaren landelijke partner met kennis, netwerk en uitvoeringskracht in de persoon van een kwartiermaker voor onze gemeente. We hebben intern een projectteam samengesteld en een projectplan opgesteld.
Dit Regiodealproject geeft invulling aan een meerjarenaanpak voor duurzame en gezonde voeding. Sociale Voedseltuinen fungeren daarnaast ook als plek voor ontmoeting, participatie en educatie.
Doelstelling: | ||||||||||||||||||||||||
Het verduurzamen van ons gemeentelijk vastgoed. | ||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Onze verduurzamingstrategie voor het gemeentelijk vastgoed staat omschreven in de in 2022 door de gemeenteraad vastgestelde Routekaart Verduurzaming gemeentelijk vastgoed DFM.
Op dit moment hebben wij 7 verduurzamingsprojecten in de werkvoorbereidingsfase, één in de uitvoeringsfase en hebben wij 4 verduurzamingsprojecten (deels) opgeleverd.
Op basis van de oorspronkelijke planning hadden wij in de categorie te verduurzamen gebouwen één project meer op willen leveren. Wij leggen later dit jaar een herijkte planning aan u voor waarin wij de huidige inzichten in onze vastgoedportefeuille en externe factoren zoals netcongestie verwerken.
Doelstelling: | ||||||||||||||||||||||||
Toekomstbestendig erfgoed. | ||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Wij stellen Erfgoedbeleid op met als doel het cultureel erfgoed te behouden, te beschermen en te versterken. Dit levert een positieve bijdrage aan het aantrekkelijk en vitaal houden van onze gemeente. Met dit erfgoedbeleid borgen wij dat het erfgoed ook beschikbaar blijft voor toekomstige generaties. Het erfgoedbeleid richt zich niet alleen op onroerend erfgoed, maar op het brede spectrum dat aan erfgoed aanwezig is in onze gemeente. Er is een bureau geselecteerd dat in samenwerking met de gemeente het erfgoedbeleid opstelt. Momenteel wordt gewerkt aan een Plan van Aanpak. Naar verwachting leggen wij het Koersdocument met daarin de verschillende scenario's begin 2027 voor aan de gemeenteraad.
Doelstelling: | ||||||||||||||||||||||||
Het veiligstellen van de toekomst van kerken als bepalende gebouwen voor het silhouet van dorp en stad, als baken in de omgeving | ||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
In onze gemeente staat een kleine zestigtal kerkgebouwen. Het gebruik van deze kerkgebouwen staat onder druk. Met het landelijk programma ‘Toekomst religieus erfgoed’ heeft de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, samen met enkele partners, gemeenten inhoudelijk en financieel gestimuleerd om een eigen ‘kerkenvisie’ te ontwikkelen. Ook wij hebben gebruik gemaakt van deze regeling. In oktober 2025 heeft de gemeenteraad de ontwerp beleidsregel kerkenvisie vastgesteld. Na de ter inzagelegging wordt de beleidsregel Kerkenvisie definitief ter besluitvorming voorgelegd aan de gemeenteraad in het derde kwartaal van 2026.
Doelstelling: | ||||||||||||||||||||||||
0 verkeersslachtoffers in 2050. | ||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Mobiliteitsprogramma
BonoTraffics is bezig met het opstellen van het mobiliteitsprogramma –en plan. Uw raad wordt in Q2 via een consulterend petear meegenomen in de plannen en ambities voor de toekomst. Daarnaast volgen er nog twee focusgroepsessies waarbij belanghebbenden hun input kunnen leveren op de plannen en ambities. Het college stelt uiteindelijk het mobiliteitsprogramma, mobiliteitsplan en als bijlage het uitvoeringsprogramma vast.
Uitvoeringsprogramma risicoanalyse
De werkzaamheden die vanuit de 2e tranche gepland staan voor 2026 zijn in de voorbereiding om dit jaar uit te voeren.
Zoals in de jaarrapportage 2025 aangegeven hebben we voor de 3e tranche ruim 1 miljoen subsidie ontvangen vanuit het Rijk. Voorwaarde is dat gemeenten zelf 50% bekostigen. Over de benodigde middelen zal de raad binnen de P&C-cyclus een besluit moeten nemen.
Verkeerseducatie
Voor dit jaar staan er weer verschillende educatieve activiteiten op de planning voor het basisonderwijs, voortgezet onderwijs, maar ook de scootmobiel-trainingen en verschillende publieksacties staan op het programma. Op 1 april was de jaarlijkse aftrap van het Doortrappenseizoen in Lemmer. Doortrappen is een programma vanuit het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat om ouderen zo lang- en zo veilig mogelijk te laten fietsen. Ruim 35 deelnemers fietsten een leuke route met een tussenstop bij de molen in Sloten. Onder de deelnemers werden vijf fietsspiegels en een fietshelm verloot.
Doelstelling: | ||||||||||||||||||||||||
Veilige(vaar)wegen en fietspaden. | ||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Doorfietsroute Joure-Heerenveen
De werkzaamheden tussen Haskerhorne en Oudehaske zijn recent van start gegaan. Het tweede deel tussen Oudehaske en Heerenveen volgt later dit jaar.
Voor de uitvoering van werkzaamheden binnen de bebouwde kom lopen er gesprekken met de plaatselijke belangen over de definitieve ontwerpen, dit jaar willen we komen tot een breed gedragen plan. Voor 2027 is er geld beschikbaar om in Oudehaske en Haskerhorne een herinrichting te realiseren.
Doorfietsroute Joure-Sneek
De interne voorbereidende werkzaamheden zijn gestart, naar verwachting is de realisatie van de doorfietsroute nog dit jaar.
Westeind Lemmer
De fietsmaatregelen in combinatie met asfaltonderhoud gaan in april van start. Op het hele traject komen fietsvoorzieningen in de vorm van fietssuggestiestroken en de daarbij benodigde snelheid remmende maatregelen. Verwachting is dat het werk medio mei gereed is.
Drie Friese bruggen
Rijkswaterstaat heeft een variantennota opgesteld om te komen tot een voorkeursvariant voor de drie Friese bruggen over het Prinses Margrietkanaal. In Q2 neemt Rijkswaterstaat een besluit over de voorkeursvariant, een draaibrug of basculebrug. Doel is te komen tot één uniform voorkeursvariant voor alle drie locaties.
Doelstelling: | ||||||||||||||||||||||||
Goed bereikbare dorpen en goed bereikbare stad. | ||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Openbaar vervoer
Qbuzz is samen met de provincie en gemeenten gestart met het proces voor het Vervoerplan 2027 Fryslân. We leveren input op basis van ervaringen in het afgelopen jaar.
Toegankelijke bushaltes
Vanuit de provincie is er een subsidieregeling beschikbaar gesteld om de minder toegankelijke bushaltes in Fryslân volledig toegankelijk te maken. Hoewel we voor dit onderwerp bij de beste gemeenten van Friesland behoren, zijn we er nog lang niet. Op dit moment is nog niet de helft van onze haltes volledig toegankelijk. We bekijken momenteel hoe we de subsidiemogelijkheden kunnen benutten.
Doelstelling: | ||||||||||||||||||||||||
Opvang statushouders en ontheemden. | ||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Opvang Oekraïense ontheemden
We hebben vier locaties in gebruik voor opvang van Oekraïense ontheemden. We hadden in 2025 een opvangcapaciteit van 327 plekken. Na optimalisatie van het gebruik van de bestaande plekken en uitbreiding medio 2026, beschikking wij op dit moment over 347 opvangplekken. Hiermee voldoen wij aan de Friese taakstelling. De Rijksoverheid is bezig met het formuleren van nieuw beleid voor de opvang. Naar verwachting is hier tegen het einde van het jaar meer over bekend. Het beleid is erop gericht om de Oekraïners in een toekomstbestendige vorm van huisvesting onder te brengen. Daarvoor zijn gemeenten dan verantwoordelijk.
